Problemen in Papua

Al sinds april 1986 stellen we als Stichting ”Papoeajeugd naar school” Papoea's in staat om scholing te volgen en steunen we scholen en internaten om goed onderwijs te kunnen geven. Als kritische Nederlanders kunnen we zeggen: "Laat die mensen toch met rust in hun natuurlijke staat", maar dat is gezien de eenmaal op gang gezette ontwikkeling niet meer mogelijk.
West-Papoea / Irian Jaya (het oude Nederlands Nieuw Guinea) is bijna 13 keer zo groot als Nederland. In 1962 heeft Nederland het land over moeten dragen aan de Verenigde Naties. In 1963 kwam het onder beheer van Indonesië. In 1969 werden uit de Papoeabevolking door Indonesië 1025 kiesmannen aangewezen die kozen voor de aansluiting bij Indonesië. Zo werd het de 26ste provincie van Indonesië.

Onlangs is West-Papoea opgedeeld in 2 provincies, wat de Papoea’s zelf niet erg op prijs stellen. Op een inwonertal van 2,5 miljoen mensen zijn er al meer dan een miljoen transmigranten van andere eilanden van Indonesië en nog maar 1.000.000 Papoea's, een minderheid in hun eigen land. De transmigranten kregen 2 hectare land om sawa's aan te leggen. De grond werd dan onttrokken aan het leefgebied van de Papoea. Het oerwoud is echter hun bouwmarkt en hun supermarkt. De moderne techniek verstoort het evenwicht dat er was tussen de natuur en de leefwijze van de Papoea:


Helaas is er in West-Papua al meer dan 800.000 hectare bos gekapt voor de houtexport. Daarnaast wordt er ook nog illegaal gekapt! Ook voor de mijnbouw (goud,koper, zilver, nikkel en aardolie en aardgas (o.a.Tangguh-project) en voor de aanleg van palmolieplantages zijn honderdduizend hectare oerwoud verkocht aan multinationals.

De Freeport koper- en goudmijn, de op één na grootste kopermijn en grootste goudmijn ter wereld ligt in een uniek natuurgebied met tropisch regenwoud en hoge bergen. Deze bedrijven storten dagelijks 260 duizend ton zwaar vervuild mijnbouw afval in de Ajikwa-rivier, een hoeveelheid die overeenkomt met de dagelijkse chemische afvalproducten van Nederland.In een nabijgelegen vallei liggen miljarden tonnen restmateriaal (één gram goud levert 250 kilo mijnafval op!) Het afvalwater uit deze dump bevat 3.000 keer zoveel koper als maximaal is toegestaan in de Verenigde Staten.

Voor de verwerking van alle bodemschatten zijn er plannen om in het noorden, in de rivier de Mamberamo een grote stuwdam te bouwen, die het mogelijk moet maken dat er zich zware en petrochemische industrie gaat vestigen. Het gaat daarbij om 8 miljoen hectare (een gebied zo groot als heel Java) dat daardoor beïnvloed wordt en voor een groot deel onder water komt te staan.

De grote winsten gaan naar Amerika, Engeland en Europa. De Indonesische regering krijgt jaarlijks 250 miljoen dollar, waarvan een groot deel op Java blijft. In West-Papoea gaat 14 miljoen dollar naar scholen, medische voorzieningen en de vakopleiding voor de plaatselijke bevolking.De Papoea’s proberen om een eerlijker verdeling te bereiken.

Kortom de wereld van de Papoea verandert. Hoewel vele Papoea’s ook nu nog jagen en vissen in het oerwoud en de rivieren zal daar toch, door de ontwikkelingen gedwongen, een einde aan komen. Om met deze veranderingen mee te kunnen gaan is scholing onontbeerlijk. De gewone Papoea heeft geen geld om schoolgeld te betalen of om de school financieel te steunen. Daarom is onze steun heel hard nodig.



PJNS © 2017 Stichting Papoeajeugd naar school ANBI | CBF | Jaarrekening

Ontwerp Muntz | Bouw en hosting ReveNew